Het Schoutenhuys in Den Burg

Vijf redenen waarom het Schoutenhuys op je Texelse wensenlijst niet misstaat

Of ik de sfeer van een gerechiesavond in het Schoutenhuys in Den Burg wil vastleggen in een blog. Het verzoek komt van de algemeen manager. Hoe maak ik hier een eerlijk en onafhankelijk staaltje eetjournalistiek van? Door mezelf te zijn, te genieten en de gastheer te bombarderen met vragen. Het diner in het Schoutenhuys is heerlijke kost voor overprikkelde gasten. Mensen die keuze- en informatiemoe zijn. Zullen we de telefoon vanavond ook in de tas houden?

Omdat u niet hoeft te kiezen

Aan een avond Schoutenhuys komt geen wijn- of spijskaart te pas. Alle keuzes worden voor uw gemaakt, wijnadvies krijgt u ter plekke. Mondeling en ongecompliceerd.

Kunt u lastig loslaten? Hier volgt eerst een ontspanningsoefening voor mensen die in extreme mate de touwtjes in handen willen hebben:

  • Adem diep in door je neus en laat je buik zich vullen met de verse zuurstof (laat de gedachte: ‘iedereen denkt nu dat ik een dikke buik heb’, los).
  • Adem hoorbaar uit door uw mond.
  • Wapper 15 seconden met uw handen.
  • Zeg krachtig en overtuigend, terwijl u in uw zakspiegeltje kijkt: ‘Ik kan deze avond overlaten aan de gastheer en de koks. Ik hoef niet bang te zijn en beloof niet schreeuwend naar de kaart te vragen.’

In principe bent u nu ontspannen genoeg om het verloop van deze avond aan te kunnen. Mocht u het gevoel hebben meer oefening nodig te hebben voordat u het Schoutenhuys binnenstapt, dan kunt u contact opnemen met de lokale yogaleraar Arjan Erkelenz. Hij verzorgt in de zomer ook sessies aan de vloedlijn van de Noordzee.

Mijn tafelgenoot en ik zijn er klaar voor. Gastvrouw Femmy stelt zich voor (dat komt omdat haar werkgever haar heeft verteld dat wij komen, dus als Femmy haar hand niet naar u uitsteekt, wees niet teleurgesteld) en wijst ons de tafel.

Gastheer Ewin

Gastheer Ewin

Als u om zich heen kijkt, is duidelijk te zien dat dit pand dateert uit de gouden zeventiende eeuw. De eetgelegenheid is onlangs zichtbaar opgeknapt. De bouwers hebben hun best gedaan om de sfeer te behouden. De schout, die hier vroeger boven woonde, recht sprak en vanuit zijn zolderkamer neerkeek op de kelder waar gevangenen hun rechtzaak afwachtten, zou tevreden zijn geweest over het resultaat. Balthasar Huydecooper heette hij. Het schijnt een sympatieke, charismatische man te zijn geweest. Hier kunt u meer over hem lezen.

De eerste van vijf gangen kondigt zich aan zonder dat we een wijn of spijskaart hebben hoeven inkijken. We krijgen vanavond veertien ‘gerechies’ die de keukenbrigade samenstelt. Mijn tafelgenoot, een kwaliteitsmanager die dagelijks zo’n 150 e-mails van klanten verstouwt, reageert met een joepie en leunt achterover, zichtbaar tevreden met het ontbreken van een kaart. Op de achtergrond wordt in de compacte open keuken live ons eten klaargemaakt door een ontspannen glimlachende kok.

Omdat elke gang een verrassing is

We trappen voorzichtig af met pittige olijven en zelfgebakken brood met wat kaas en pesto. Als ik vraag wat het goddelijk smakende en op de tong smeltende dungesneden rolletje vlees precies was, vertelt Edwin dat dit gepekelde stuk runderlende een punt van discussie is. ‘Wij willen het schrappen van het menu omdat het op geen enkele manier mooi op het bord te krijgen is. Maar de gásten vinden het zo lekker’

Daarna serveert Edwin glimlachend twee aardewerken mokjes met aspergesoep, omgeven door huisgerookte zalm, dat op een bed van salade met appel en aardappel rustig ligt bij de komen van zijn rooksessie in de pan. Wat dat witte radijsachtige spul op het bord precies is, dat is Edwin ontschoten. Het blijkt klaverzuringsknol te zijn. Een knolgewas, dat hoort tot de vergeten groenten van deze tijd.

Hij smaakt zoals hij eruit ziet: als een volle, gedrongen rettich (en deze vind je wel in de groenteschappen).

Hij smaakt zoals hij eruit ziet: als een volle, gedrongen rettich (en deze vind je wel in de groenteschappen).

De aspergesoep is gemaakt van Bert Keijsers witte goud, afkomstig van de leemgrond tussen Den Burg en De Waal. Dat Bert ook nog eens een leuke vent is, waar ook consumenten de asperges kunnen kopen in zijn boerderijwinkel, kun je hier lezen.

We genieten van de subtiele rooksmaak van de zalm, in combinatie met de lichtzure appeltstukjes. Ondertussen nip ik van een Australische Shiraz. Mijn tafelgenoot is meer een rode wijnliefhebber: zij heeft ingefluisterd gekregen dat er straks nog wat vlees in het verschiet ligt en een rode wijn geadviseerd gekregen die het ook prima doet bij een stukje vis.

Edwin vertelt dat ze bijna elke avond, met uitzondering van maandag en dinsdag want dan is Het Schoutenhuys dicht, zo goed als vol zitten. Het verrassingselement en het niet hoeven kiezen bevalt de door informatie overprikkelde gast blijkbaar goed. ‘Weet je wat ook zo’n leuke bijkomstigheid is? Het contact met verloopt vloeiend en prettig. In een a-la-carterestaurant moet je, omdat gasten vaak verdiept zijn in hun telefoon en vergeten in de kaart te kijken, twee of drie keer teruglopen naar een tafeltje. Nu hoef ik feitelijk alleen maar te vragen of ze hun telefoon even willen optillen voor de volgende gang. Al blijft het gezelliger voor iedereen als de telefoon in de tas blijft.’ Mijn tafelgenoot en ik zijn ook erg druk met onze telefoons, maar dat komt natuurlijk omdat we vanavond razende eetreporters zijn, die alles wat maar een beetje riekt naar goede sfeer en eten, vastleggen. ‘Ja, ja, ja, jullie hebben dispensatie’ grapt Edwin.

Omdat de zeebaars heerlijk is

Tijdens de derde gang knokken de gamba en een op de huid gebakken zeebaars om de aandacht. Misschien is dat de reden dat de lauwwarme salade met onderandere zeekraal en capucineknol ietwat gekneusd oogt. Echter, het helpt om dat laissez-fairegevoel hoogtij te laten vieren. De zeebaars, mijn favoriet, smaakt heerlijk en het lichtzoute van de zeekraal, een groente die vooral rijkelijk groeit in natuurgebied De Slufter, maakt de salade heerlijk.

Heerlijk!

Heerlijk!

Capucineknol, wat is dat? Kijk, onderstaande nam de gastheer mee uit de keuken toen ik deze vraag stelde. In de supermarkt ben deze groente nog nooit tegengekomen, trouwens. Hij smaakt zoals hij eruit ziet: als een volle, gedrongen rettich (en deze vind je wel in de groenteschappen).

Omdat het wel leuk is om te weten waar eten dat op je bord ligt, vandaan komt

Nu komt mijn tafelgenoot haar rode wijn pas echt tot zijn recht: Edwin serveert een stukje runderlende met haricot verts, roergebakken courgette, witte en groene asperge. Het vlees komt van de boerderij van Marike en Sander Zijm. Als je vanaf hier dwars door het centrum naar de Hoge Berg, het hoogste punt van Texel loopt, dan bots je vanzelf tegen de tuunwallen aan waar de blonde acquitainerunderen de ietwat droge weiden bevolken. Ik zie deze vriendelijke dieren altijd grazen tijdens een rondje met de hond. Als je stilstaat en Dinky kwispelend zijn kop boven de tuunwal uitsteekt, komen ze polshoogte nemen. Ja, ok, ze worden geslacht om mensen een lekkere maaltijd te bezorgen. Maar als boerendochter heb ik leren leven met dit gegeven en ook thuis staat er drie keer per week vlees op het menu. Goed vlees. Ik heb eens gelachen om mijn dochter, bij onze slager. ‘Ik vind vlees eten zielig’, zei de dochter. Slager, nog geen twee minuten na de uitspraak: ‘Wil je een plakje worst?’. Dochter: ‘Ja lekker.’

Omdat het gezellig is, zonder toeters en bellen

Inmiddels hebben mijn tafelgenoot en ik een leuke avond achter de rug met elkaar en de subtiel aanwezige en humoristische gastheren. We gokken dat er nu vast iets zoets op het programma staat. Maar, we moeten nog even wachten. Eerst kaas. En wat voor kaas. Bekroonde kaas van Wezenspyk (lees hier hoe de Schoutenhuysmanager ooit probeerde deze kaas te maken…) die wordt geserveerd met stroop van rode port. ‘Als ik het kaasje rechts op mijn bord wil pakken’, grijpt Edwin in. ‘Ho, ho, ho, we beginnen links. Van jong en licht, via een pittig stukje geit naar belegen.’

Culinair gezien hoor ik tot de barbaren. Niet omdat ik niet van lekker eten houd, maar omdat ik er niet heel veel verstand van heb. Zo kwam ik jarenlang niet verder van de Ruby Red Port van de Aldi. Nu ik zwijgend en met mijn ogen dicht de port van het Schoutenhuys door mijn mond laat gaan (ik kijk er heel gewichtig bij, want ik moet immers in mijn statige rol als restaurantjournalist blijven), roep ik achteraf beseffend net iets te hard: Zo, hallo, dit is wel even wat anders dan die bocht van de Aldi die ik tijdens mijn studententijd dronk.’ De gastheer kucht, mijn tafelgenoot verdwijnt lachend achter de glaasjes port en ik maak met een rood hoofd aantekeningen.

Na het zoete toetje is alles weer vergeven en vergeten en we verlaten om 23.00 uur zonder te betalen het pand. We hoeven niet hard weg te fietsen, gelukkig. Want net als voor het gebruik van onze mobiele telefoons, hadden we dispensatie gekregen op de allerlaatste handeling van deze avond: het tasten naar de buidel.

De open keuken van het Schoutenhuys

De open keuken van het Schoutenhuys

Voor de mensen die denken, hmmm, lekkker, dat eten van de foto wil ik ook wel! Houd er rekening mee, dat de gerechies per week of periode verschillen. De koks serveren wat de seizoenen en de lokale leveranciers op dat moment te bieden hebben. Ter geruststelling: ze maken overal het beste van.

Bouke, Edwin en Femmy en vooral keukenbrigade, hartelijk dank voor de ontzettend leuke avond, het smaakvolle eten en de gastvrijheid. Ik heb ondanks mijn vermeende vooringenomenheid hierboven oprecht geen woord gelogen. Ik kom terug. En dan blijft ook mijn telefoon in de tas.

Blogger bekend bij de redactie